Tijdelijke banen remmen huizenverkoop

Terwijl het aantal vaste contracten afneemt, groeit het aantal tijdelijke arbeidscontracten flink. Vooral net afgestudeerde HBO’ers en academici krijgen steeds minder vaak een vast contract aangeboden bij hun eerste baan.

Dat blijkt uit nog niet gepubliceerde cijfers van de stichting Sociaal Economisch Onderzoek (SEO) en Elsevier. In 2010 krijgen vijf procent minder starters een vast contract in vergelijking met 2009. En dat heeft gevolgen voor de hypotheekverstrekking. Banken hechten veel waarde aan vaste contracten bij het verstrekken van een hypotheek aan beginnende kopers. Tijdelijke contracten worden maar gedeeltelijk of soms helemaal niet meegeteld bij het berekenen van de hypotheekmogelijkheden. Inkomen uit tijdelijke contracten of bijvoorbeeld provisies zijn volgens de verstrekkers geen stabiele factoren.
 
Starters, en zeker de hoogopgeleide starters, spelen een sleutelrol bij het aanzwengelen van de woningverkoop. Wanneer zij een huis kopen, veroorzaakt dat een kettingreactie van nieuwe verkopen. Dat bedrijven terughoudender zijn met het geven van een vast contract zorgt dus direct voor minder verkochte huizen.
 
Het uitzicht op een vast contract mag dan wel kleiner geworden zijn, de hoogopgeleide starter hoeft nog steeds niet te wanhopen. Gemiddeld heeft een afgestudeerde HBO’er binnen 2,8 maanden een baan gevonden, een universitair geschoolde starter heeft daar 4,4 maanden voor nodig. Het werkloosheidspercentage onder hoogopgeleiden is op dit moment vier procent. Dat cijfer ligt onder de zes procent werkloosheid van de totale Nederlandse beroepsbevolking.
 
Uit vandaag gepubliceerd onderzoek van onderzoeksbureau IBM blijkt overigens dat nog steeds veel buitenlandse bedrijven in Nederland investeren. In 2009 leverde dat ruim 6.800 banen op, voornamelijk ingevuld door hoger opgeleiden. Banen voor laaggeschoolden nemen de buitenlanders amper mee. Die activiteiten blijven uitgevoerd worden in de landen met lagere lonen.
 
Bron: wegwijs.nl, 09-06-2010