3 soorten werknemerspensioenen

- Ouderdomspensioen; Bij een ouderdomspensioen dat vóór de 65- jarige leeftijd ingaat spelen twee problemen een rol:

1. De AOW uitkering is nog niet ingegaan terwijl het pensioen als een aanvulling daarop is bedoeld.

2. En de inkomstenbelastingplichtige is tot zijn 65-ste een hoger percentage sociale premies verschuldigd dan na zijn 65-ste. Een tijdelijke overbruggingspensioen (TOP) biedt hiervoor in veel pensioenregelingen de oplossing.

- Nabestaandenpensioen; De kring van nabestaanden is door de Wet op de loonbelasting beperkt tot (ex-) echtgenoten, (ex-) partners en kinderen. Deze hebben recht op het nabestaandenpensioen op het moment dat de deelnemer overlijdt. Dit pensioen mag maximaal 50% bedragen van het door de overledene in zijn huidige functie bereikbare eindloon.

- Arbeidsongeschiktheidspensioen; Een arbeidsongeschiktheidspensioen dient om een inkomensterugval als gevolg van gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid op te vangen. Pas na een jaar ziekte kan recht op een arbeidsongeschiktheidspensioen ontstaan. Op het moment dat een werknemer weer arbeidsgeschikt wordt verklaard stopt het recht op een arbeidsongeschiktheidspensioen. Het recht vervalt ook wanneer de pensioengerechtigde de pensioengerechtigde leeftijd bereikt (ouderdomspensioen ) of (voortijdig) komt te overlijden.